Menu Sluiten

Interview Rutger Smith

“In Leiden leek 21 meter minder ver”

Op 10 juni 2006 stootte Rutger Smith tijdens de Gouden Spike de kogel 21,62 meter ver. Dit werd niet alleen zijn persoonlijke record maar ook het Nederlandse record. Vijftien jaar later is dit NR nog steeds niet verbeterd. Rutger is tegenwoordig topsportcoördinator van de Vlaamse Atletiekliga. We spraken hem virtueel tijdens een trainingskamp van de Vlaamse atleten in Turkije en blikken terug op zijn deelnames aan de Gouden Spike en zijn trofeeën in 2004 en 2006.

Hoe vaak heb je meegedaan aan de Gouden Spike?
Oei, dat durf ik niet zo gauw te zeggen. Het zal wel een stuk of tien keer zijn geweest. De Gouden Spike stond altijd in mijn agenda en ik kwam ook graag in Leiden. Voor de discus stond de wind er vaak gunstig. Met kogel heb ik er natuurlijk in 2006 het Nederlands record gestoten, dat nog steeds staat. De Gouden Spike was voor mij dus altijd een zekerheidje.

Deed je in Leiden altijd de combinatie discuswerpen en kogelstoten?
Meestal wel. Ik vroeg dan de organisatie om kogel eerder te plannen dan de discus.

Je hebt Leiden weleens ‘de heilige grond’ genoemd, klopt dat?
In 2004 kwam ik met de kogel al op een centimeter van het Nederlands record, dat toen nog op naam stond van Erik de Bruin. In 2006 werd het dus het Nederlands record. Op de een of andere manier vond ik de kogelsector in Leiden prettig, ik weet niet wat dat was.

Kan je uitleggen wat er dan zo prettig was aan onze kogelsector? Zat er soms een carbonplaat in de ring?
Haha, wie weet. Dat kan ik beter aan jullie vragen. Misschien klinkt het gek, maar in Leiden leek 21 meter minder ver dan elders. Als ik in de ring stond en keek waar ik naartoe wilde, dan leek dat bereikbaar. In 2006 was de kogelbak nog 22 meter, maar nadat ik er 21,62 had gestoten is die verlengd tot 24 meter. Dat is optisch toch anders. Door die bak te verlengen hoopten jullie misschien dat ik voorbij 22 meter zou stoten. Dat is helaas nooit gelukt.

Er is online nog een filmpje te vinden over jouw recordstoot in 2006. Daarin is goed te zien dat jij vooral op snelheid en techniek stootte.
Klopt. Die stoot liep perfect en daarom zag het er ook gemakkelijk uit. Ik was op dat moment hard aan het doortrainen en wilde tijdens de Gouden Spike wedstrijdritme opdoen. Ik wilde om en nabij de 21 meter stoten, dat zou al heel mooi zijn geweest. Toen de kogel mijn hand verliet voelde ik al dat hij ver zou gaan. Je ziet op het filmpje dat ik wachtte op de landing. Toen ik zag dat het voorbij de 21 meter was ging ik helemaal uit mijn dak en daarna nogmaals toen het zelfs 21,62 meter bleek. Een grote verrassing!

Twee maanden later, tijdens het EK in Göteborg, won je brons met 20,90 m. Heb je niet verkeerd gepiekt?
Ik had daar inderdaad goud kunnen pakken, want Ralf Bartels won met 21,13 meter. Als ik dezelfde vorm had gehad als in Leiden en ook dezelfde stoot had afgeleverd, had ik in Göteborg voorbij de 22 meter kunnen stoten. Maar dat is natuurlijk als-als en daar heb je niks aan.

Je begrijpt dat Leiden Atletiek nog steeds blij is dat je die ideale stoot bij ons had.
Dat begrijp ik heel goed! [lacht]

Hoe lang denk je dat je Nederlands record op kogel nog standhoudt?
Ik had eerlijk gezegd verwacht dat Denzel Comenentia er overheen zou gaan, maar hij concentreert zich nu vooral op kogelslingeren. [Denzels pr op kogel is 20,88 meter] Naast hem zie ik op dit moment helaas geen kandidaten om het NR te verbeteren. Internationaal wordt er echter op dit moment heel ver gestoten. Er is gewoon een heel goede lichting. De 21 meter uit mijn tijd is nu 22 meter. Het is ook een mindset, daar ben ik van overtuigd. Iedereen is elkaar aan het opjutten en dat is mooi.

Is in het kogelstoten ook technische innovatie gaande?
Ik praat veel met de huidige kogelstoters, maar in dat opzicht is er niet veel veranderd, ook trainingstechnisch niet. Er wordt nu ook veel op snelheid en techniek getraind, net als ik al deed.

Stel dat jij nu zou trainen en deelnemen, wat zou je dan veranderen in je aanpak?
Niet veel. Achteraf is het natuurlijk makkelijk praten. Ik heb de nodige blessures gehad, dus wellicht zou ik wat voorzichtiger trainen en zo nu en dan gas terugnemen. Zonder blessures had ik wél 22 meter hebben gestoten, daar ben ik van overtuigd. Maar ik heb nergens spijt van, hoor.

De eeuwige vraag: zou het hebben gescheeld als je je had gespecialiseerd?
Nee, de combinatie discus en kogel was voor mij juist heel effectief. In 2011 heb ik me iets meer op discus geconcentreerd. Ik wierp toen mijn persoonlijk record van 67,77 m. Maar tijdens het EK in 2012 in Helsinki pakte ik twee medailles, zilver op kogel en brons op discus. Voor mij vulden beide disciplines elkaar goed aan. Toch zag ik tot en met de Olympische Spelen van 2008 mijzelf vooral als kogelstoter. Een kogelstoter is tussen ongeveer 24 en 28 jaar op zijn top, terwijl een discuswerper juist van 28 tot 32 jaar op zijn sterkst is. Wat dat betreft ben ik tevreden over mijn carrière. Ik heb er alles uitgehaald en kijk er zeer tevreden op terug.

Hoe kijk je naar de Gouden Spike op de huidige wedstrijdkalender?
Als je naar de uitslagen van de afgelopen jaren kijkt, kan je vaststellen dat de Gouden Spike nog steeds een begrip is. Atleten komen er graag. Dat geldt trouwens ook voor de Belgische atleten. Het zou heel mooi zijn als wij dit jaar ook welkom zijn in Leiden, ondanks alle beperkingen.

De Gouden Spike heeft een relatief beperkt budget en zal daarom nooit kunnen wedijveren met andere grote wedstrijden, zoals de FBK Games. Hoe zie jij dat?
Dat is niet erg. De Spike kan zich wellicht richten op een beperkt aantal onderdelen en daar dan wel toppers voor aantrekken. Zodoende kan je toch de juiste belangstelling creëren. Voor mij geldt in elk geval dat ik met veel plezier terugkijk op de Gouden Spike.

Tekst: Imro Simmelink