Menu Sluiten

Samengaan is elkaar versterken

Het Leidsch Dagblad meldde begin 1996: ‘Witte rook in de Leidse Hout: De fusie tussen de twee Leidse atletiekverenigingen De Bataven en AV Holland is een feit’. Deze fusie is echter niet zonder slag of stoot tot stand gekomen. In hetzelfde artikel wordt melding gemaakt van weerstand van de kant van De Bataven: Gisteravond [ de avond van de Algemene Ledenvergadering ] probeerden enige leden van De Bataven de fusie nog tegen te houden op formele gronden. Dat lukte niet. Voorzitter John van Haasteren: De Bataven heeft een sterke vriendenclub met oudere leden. Die waren op emotionele gronden tegen’. Uiteindelijk stemden 155 van de 190 aanwezigen voor de fusie op 1 april 1996. En de rest is geschiedenis.

We spreken 25 jaar na dato met John van Haasteren, destijds voorzitter van De Bataven en tevens eerste voorzitter van de fusievereniging, en Tim Brouwer de Koning, van oudsher actief lid van AV Holland maar sinds de fusie een zeer loyaal en gewaardeerd lid en trainer van Leiden Atletiek. Het gesprek vindt plaats in een verder lege kantine, met zicht op de baan die baadt in oranjezacht zonlicht.

Kunnen jullie iets vertellen over de aanloop naar de fusie?
John: De Bataven was halverwege de jaren negentig een stuk groter en gezonder dan AV Holland. Ik was al een paar jaar voorzitter van De Bataven maar heb me er echter altijd over verbaasd dat er op zo’n prachtige accommodatie twee verschillende atletiekverenigingen waren. Waarom niet samengaan?
Tim: De Bataven waren van oorsprong een katholieke vereniging, terwijl AV Holland niet zozeer confessioneel was, misschien meer neutraal.
John: Er was ook een inhoudelijk verschil: De Bataven waren toch meer gericht op hardlopen terwijl AV Holland meer op de technische nummers was gericht, de meerkamp en zo.
Tim: Bij AV Holland waren al eerder gedachten richting een fusie, nog voordat jij voorzitter werd van De Bataven, John.

Hoe werd er naar jou als voorzitter gekeken, John?
Tim: Het was een voordeel dat jij een relatieve buitenstaander was.
John: Klopt, ik was helemaal niet van de atletiek. Bij De Bataven viel ik echter toch in het mandje. Voor de leden van AV Holland was ik onbekend, in feite anoniem. Maar ik had geen verleden en praatte met iedereen.
Tim: Hans Overduin was in die tijd voorzitter van AV Holland. Dat heeft hij maar kort gedaan. Hans was ook neutraal en dat was ook een voordeel. Hij had ook geen ambitie om de voorzitter van de gefuseerde vereniging te worden.
John: Er was inderdaad helemaal geen competitie tussen ons. Hans en ik waren er beiden op uit om een sterke gezamenlijke vereniging te vormen. Ik was zelf helemaal niet bezig met voorzitter worden van de nieuwe vereniging, al heb ik dat met plezier gedaan.

In het krantenbericht wordt gerept van weerstand tegen de fusie. Waar en bij wie zat die weerstand?
John: Vooral bij de Vrienden van De Bataven, een harde kern. Die zagen een fusie niet zitten en hebben mij op een gegeven moment op het matje geroepen: ’Waar ben jij in GODSNAAM mee bezig?’ riepen ze. ‘Jij geeft de club weg!’
Tim: Ik weet dat nog. ‘Verraad!’ vonden zij. Je moet bedenken dat De Bataven AV Holland niet nodig had, want AV Holland was kleiner en dus de onderliggende partij.
John: Er zat ook wel oud zeer. Die harde kern van De Bataven was een hechte clan. In het verleden keken de AV Holland-leden ook wel neer op De Bataven. Dat waren maar hardlopers, zoiets. Dat voelden De Bataven nog steeds, zeker die oude kern.
Tim: Na de fusie is een aantal Bataven uit protest opgestapt.
John: Jammer, maar onvermijdelijk.

Hoe verliep de Algemene Ledenvergadering waarin werd gestemd over de fusie?
John: Ik vond het best spannend, heb er in de aanloop een paar nachten van wakker gelegen. Tijdens die ALV heeft Carel van Venetiën een doorslaggevende rol gespeeld. Kijk, hij staat ook op de foto in dat krantenbericht. Op een cruciaal moment ging Carel staan, hij spreidde zijn armen – je kon een speld horen vallen, niemand wist wat hij zou gaan zeggen – en hij zei het volgende: ‘Beste mensen, wij gaan toch niet als oudjes de toekomst bepalen voor de jeugd? Denk nou eens even heel goed na. Leg je emotie opzij!’ Ik zal dat moment nooit vergeten.
Tim: Dat was een kantelpunt. Carel trok hiermee de twijfelaars over de streep en daarna stemde een ruime meerderheid voor.
John: Zonder Carel was er denk ik ook wel een meerderheid geweest, maar het was natuurlijk beter dat het een ruime meerderheid werd.
Tim: Zo’n fusie hangt eigenlijk af van personen, een aantal sleutelfiguren, maar ook van clans, families en vriendengroepen. Als je die niet meekrijgt wordt het lastig.

Welke rol speelde de gemeente Leiden bij de fusie?
John: De gemeente heeft geen enkele rol gespeeld. Die hadden in die tijd geen enkele visie hierover.
Tim: Het interesseerde ze inderdaad helemaal niks. Zo lang wij de energierekening betaalden, vonden ze het wel best. Later heb ik wel begrepen dat we wat gemakkelijker medewerking kregen, of subsidie, omdat we ‘Leiden’ in onze naam hadden staan.

Wat zou er gebeurd zijn zonder fusie in 1996?
Tim: Zonder fusie waren er misschien nog steeds twee verenigingen geweest, maar dan wel twee halve verenigingen met een hoop gedoe en zonder kampioenschappen en grote wedstrijden. We hadden nog hooguit vijf jaar kunnen doorploeteren.
John: Bij sommige Bataven was het sentiment ‘laat AV Holland maar lekker doodbloeden’.
Tim: Geen mooie gedachte, natuurlijk.
John: Maar ik kan me tóch niet voorstellen dat er nu nog steeds twee afzonderlijke verenigingen hadden bestaan, Tim.
Tim: Ik eigenlijk ook niet.
John: Ik heb altijd gehamerd op saamhorigheid. Mijn overtuiging was en is nog steeds: samengaan is elkaar versterken.

Wat is jullie beeld van Leiden Atletiek anno 2021?
John: Er is uiteindelijk een heel mooie vereniging ontstaan. Daar ben ik trots op. Het heeft natuurlijk even geduurd voordat de verschillen tussen de bloedgroepen waren verdwenen. Maar dat is inherent aan een fusie. Tijdens het feest in het Universitair Sportcentrum in 1999 had ik voor het eerst het gevoel dat het één vereniging was geworden. Drie jaar na de fusie, eigenlijk best snel. Daarna had ik het gevoel: het is klaar. Toen heb ik het stokje overgegeven.
Tim: Nieuwe leden kennen die historie niet, weten niet eens dat er ooit twee verenigingen waren. En dat is maar goed ook.
John: Het is toch fantastisch wat er nu staat? Leiden Atletiek is een mooie en levenskrachtige atletiekclub. Kijk eens om je heen, wat een schitterende locatie is het toch! Daarvoor wil ik toch ook de gemeente een heel groot compliment geven.
Tim: En we hebben een grote en succesvolle jeugdafdeling, mede door de beste trainers in te zetten voor de jeugd. Denk aan iemand als Han Kulker, maar ook vele anderen.
John: En uiteraard Bram Wassenaar, een waar icoon. Hij heeft een sterke aantrekkingskracht op talent.

Hoe zien jullie de relatie tussen Leiden Atletiek en de Gouden Spike?
Tim: De Gouden Spike was altijd het paradepaardje van AV Holland. Maar het werd al snel een gemeenschappelijke wedstrijd. Dat doet Norbert Groenewegen nog steeds geweldig, terwijl hij ooit van De Bataven was, samen met Eveline van Enk (de huidige voorzitter). De Gouden Spike en Leiden Atletiek vormen nu een gelukkig huwelijk
John: Ik wil hier graag Joop Waterreus noemen. Op het moment dat de Gouden Spike ten dode was opgeschreven door financiële problemen, heeft hij de wedstrijd in leven gehouden met persoonlijke donaties. Joop heeft in de jaren negentig de Gouden Spike ook een aantal keer georganiseerd.

Kan de Gouden Spike zichzelf inmiddels bedruipen?
Tim: De Gouden Spike trekt weliswaar sponsors aan, maar het blijft toch marginaal in vergelijking met sporten als betaald voetbal en tennis. We zijn het Sparta van de atletiek: als je geluk hebt komen de toppers van de toekomst naar de Spike.
John: En de Gouden Spike is een van de wedstrijden in Nederland die op deze eigen wijze wordt georganiseerd. Leiden Atletiek is nog steeds in staat om dit zelf te blijven doen. Dat is uniek. Ik kom altijd kijken en ervaar dat ook elke keer als een warm bad.

Is Leiden Atletiek een goede afspiegeling van de Leidse gemeenschap?
Tim: Dat is een terechte vraag. We hebben geen Khalid Choukouds, helaas. We zijn toch nog vooral een witte vereniging, op een enkele uitzondering na. Dat kan denk ik beter. Voor mij is het van belang dat Leiden Atletiek een inclusieve vereniging is. Kijk naar het (On)beperkt Sporten, waar we een keurmerk voor hebben, of naar het Race Running voor kinderen met een lichamelijke beperking. Dat zijn initiatieven om te koesteren.

Hoe zouden jullie het DNA van Leiden Atletiek willen typeren?
Tim: Ik zou zeggen: niet erg stads. We hebben altijd een zuigkracht op de omliggende dorpen gehad. Het is daarmee toch wat knusser, zeker in vergelijking van de grote steden in de Randstad.
John: Atletiek is toch een andere wereld, een ander slag mens dan bijvoorbeeld een voetbalvereniging. Bij Leiden Atletiek gaat het echt om de sport, dus ook om de prestaties. Daar wordt uitgebreid aandacht aan besteed, daar is iedereen trots op.
Tim: Dat zie je ook terug in de schoolprestaties: jonge leden gaan meestal over en voor een examen slagen ze bijna allemaal. Dat heeft toch te maken met focus en motivatie.

Is Leiden Atletiek toekomstbestendig?
John: Ik volg Leiden Atletiek nog steeds en hoor vooral positieve geluiden. Vooral over de jeugdafdeling, een van de grootste van Nederland. Zo lang Leiden Atletiek die basis heeft, plus een goed bestuur en een aantal iconen zoals die er nu zijn, gaan jullie een mooie toekomst tegemoet. Mijn advies aan het bestuur zou zijn: straal openheid naar de leden uit, hun stem is belangrijk. Kom niet met kant en klare plannen maar betrek iedereen bij de toekomst. De leden moeten het gevoel hebben dat zij de club zijn. Eigenaarschap is heilig.

Tekst en foto’s: Imro Simmelink